Artificiële Intelligentie (AI) doet basiscompetenties hoger onderwijs schrappen.

Het is zover. De eerste hogeschool in Vlaanderen schrapt de bachelorproef. Naar verluidt zou die niet langer aansluiten op de competenties benodigd in het werkveld en door het toedoen van AI zou de inbreng van de student in de bachelorproef geminimaliseerd zijn. Het schrappen van de bachelorproef om die redenen lijkt me echter te berusten op een denkfout.

We moeten ons immers de vraag stellen waarom we AI zouden willen integreren in het onderwijs. Omdat we het bannen ervan niet kunnen handhaven? Omdat het bestaat? Omdat het ons opgedrongen wordt door een miljardenindustrie en lobby? Het is denk ik veel zinniger de vraag te stellen wat het pedagogisch nut ervan zou zijn.

Nog steeds ben ik overtuigd dat we aan onze hogescholen en universiteiten kritische geesten willen voortbrengen. Mensen die op het einde van hun opleiding in staat zijn om kritisch te denken over de manier waarop ze zullen deelnemen aan de maatschappij en het werkveld. Om dat te kunnen, leren we hen een tekst, standpunt, probleemstelling of onderzoek analyseren en begrijpen, de argumenten en hoofd- en bijzaken onderscheiden. We leren hen hun analyse en argumenten omzetten in geschreven en gesproken taal en leren hen ook, dacht ik, creatief en kritisch hun kennis in meer praktische zin toe te passen, door bijvoorbeeld te ondernemen, toe te passen, experimenteren, zorgen, vormen, ontwerpen. De veronderstelling is hier wel dat ze dat zelf doen en in het leerproces daartoe net die eindcompetenties ontwikkelen; zoals lees- en schrijfvaardigheden, argumentatievaardigheden, kritisch en creatief denken en, bijvoorbeeld in mijn architectuurfaculteit, ontwerpen.

Wat we hen nu gaan aanleren zijn strategieën om dat niet langer zelf te doen, maar een soort editor te worden van samenvattingen en beelden om die dan op een ietwat intelligente manier te redigeren en daar iets van te brouwen dat doorgaat alsof het door begrip, reflectie en kritisch en creatief intelligent denken en ontwerpen tot stand gekomen is. Alleen is dat niet zo. De vaardigheden die in dat proces liggen hebben we vervangen door de vaardigheden om intelligente prompts te maken en goed te kunnen redigeren wat door AI werd voorgesteld, maar dat is niet hetzelfde.

Wat AI oplevert is efficiëntie en statistische correlaties; je moet niet meer zelf alles lezen en verwerken en mogelijke creatieve opties toetsen gaat veel sneller. AI stelt voor wat vaak gevonden wordt. Alleen is efficiëntie geen eindcompetentie van het academisch onderwijs. Leren leren, denken, schrijven, lezen, argumenteren, en ontwerpen is niét efficiënt. Het is in het inefficiënte proces dat je die dingen net leert. En creativiteit, zowel qua denken als berekenen of ontwerpen, ligt niet in een zoveelste variant van wat al bestaat.

De universiteit en ons onderwijs heeft in het algemeen ook niet de opdracht om efficiënte werkkrachten af te leveren. Het werkveld mag dat wel vragen, maar wij, in het onderwijs, leerden onze studenten net dat ze levenslang moeten leren, ontwikkelen, in vraag stellen, alternatieven bedenken en kritisch leren omgaan met dat werkveld en het huidige systeem — de lichting van de toekomst moet net in staat zijn dat werkveld om te vormen naar een meer duurzaam, verantwoord, ecologisch, menselijk, sociaal en zinvol facet van ons bestaan.

We weten al van wetenschappelijk onderzoek dat pedagogisch-educatief AI gebruik nefast is voor cognitieve en creatieve ontwikkeling. We wisten ook van de nadelige effecten van sociale media en toch, pas 20 jaar later, zijn we gaan inzien dat we daar iets aan moeten doen. Gaan we dezelfde fout maken met AI?

Het is denk ik veel raadzamer of wijzer om AI niet te integreren in ons onderwijsmodel en vast te houden aan de competenties die in onze leerdoelstellingen vervat zitten en berusten op de student zelf te vormen, in plaats van de student te vormen in het managen van resultaten die berusten op capaciteiten en competenties die de student heeft uitbesteed aan een AI en niet langer zelf lijkt te bezitten (of toch niet wordt verondersteld zich daarin te bekwamen).

En dan spraken we nog niet over de verantwoordelijkheden en bedrijven die achter AI schuil gaan, over de ecologische impact, de desocialiserende en dehumaniserende factor.

Het afschaffen van bachelorproeven, en later masterproeven, of ze zelfs substantieel gaan veranderen, is dus een denkfout; een conformisme aan een economische realiteit die hangt naar efficiëntie zonder in te zien dat werkelijk groeien, leren, leven en zinvol bestaan niet in efficiëntie ligt of het managen van wat we uitbesteed hebben. Zinvol bestaan ligt in jezelf ontplooien en in relatie met anderen en de wereld. In de tijd besteden om zorg te dragen, voor jezelf, anderen en de wereld. Efficiëntie en management is een illusoir ideaal van onze tijd en AI pikt daar, met haar miljarden lobby, handig op in.

De digitale en AI geletterdheid die instellingen zo graag prediken zijn een fabel. Het maskeert een verlies aan werkelijk zinvolle competenties en expertises die we inruilen voor de achteruitgang van zelfstandig kritisch leren denken, het opofferen van kennisculturen en dus, uiteindelijk, de achteruitgang van kennis. Het is een verarming van ons kritisch en creatief denkend vermogen. Het is een verlies van de essentie van onderwijs en opvoeden; het is een verlies van onze essentie.

Volgende
Volgende

Abortus, euthanasie, draagmoederschap en donorkinderen. Eén pot nat?